Vogels, van groot tot klein

Algemene uitleg

Je hebt vogels in alle soorten en maten, van kleine Japanse meeuwtjes tot valkparkieten. Elke vogel vraagt zijn specifieke temperatuur, huisvesting en voeding. Als men een bepaalde soort vogel wil gaan houden is het altijd raadzaam om zich eerst meer te verdiepen in de soort om zo de ideale omgeving te creëren voor die bepaalde vogelsoort. Maar de grote lijnen in het onderhoud en verzorging van vogels is bij de meeste soorten ongeveer hetzelfde. Dus wij gaan hier ook verder die grote lijnen bespreken.

Huisvesting

Men kan twee verschillende soorten huisvesting onderscheiden bij vogels. Uiteraard kan men de dieren in groepshuisvesting houden in een volière, of men kan kiezen voor gezelschap dichterbij en de vogels huisvesten in een vogelkooi.

Volière:

Een volière is uiteraard een makkelijke vorm van huisvesting voor vogels. Hier kan men gerust meerdere koppeltjes vogels houden, alsook kan men verschillende soorten vogels door elkaar houden. Er moet echter wel rekening mee gehouden worden dat men geen vogels met een rechte bek (bv kanaries) gaat gemengd huisvesten met kromsnavels (bv grasparkieten).

Soorten mengen vormt meestal geen enkel probleem, al kan de kweek soms moeilijker verlopen als er meerdere soorten vogels samen gehouden worden.

Als inrichting van de volière kan men best kiezen voor een zo natuurlijk mogelijke omgeving. Daarbij kan je kijken hoe de vogel in het wild leeft. Komt die soort in een bosrijk gebied voor dan zorgt men best voor talrijke planten en dode takken. Voor je een bepaald soort plant in je volière gaat zetten, informeer je best eerst bij een plantenkenner of die wel veilig is voor je vogels. Zorg ook altijd voor verschillende diktes van zitstokken voor je vogels. Als ze in te koud weer op dunne zitstokken zitten kunnen de pootjes vastvriezen, te dikke stokken geven minder grip. Als je verschillende diktes van stokken aanbiedt, kunnen de spieren in de pootjes getraind worden.

Pas altijd op voor tocht in je volière, tocht is namelijk de grootste vijand voor vogels. Ze worden daardoor ziek en gaan heel snel overlijden. Ook regeninslag kan men beter vermijden, net als te hoge of te lage temperaturen. Sommige vogels zijn niet “winterhard” en moeten tijdens de winterperiode in een verwarmd gebouw gehouden worden.

Kooi

Een vogel in huis kan men het beste in een degelijke vogelkooi houden. De kooi kiest men best volgens de grootte van de vogel. Een kanarie kan best in een standaardkooi leven, terwijl een valkparkiet meer ruimte zal nodig hebben. Men moet ook rekening houden dat vogels in het wild altijd in een zwerm leven, er zijn maar weinig soorten die echt solitair (alleen) leven. Het is dus altijd aangenamer voor de vogel als er een soortgenoot gehouden wordt in de kooi. Ook hier moet men rekening houden dat krombekken niet samen gezet mogen worden met vogels met een rechte snavel.

De inrichting van de kooi vraagt altijd wat denkwerk. Allereerst is het belangrijk dat er verschillende zitstokken aanwezig zijn die op verschillende hoogtes hangen. De hoogste stok zal altijd gebruikt worden om op te slapen, want vogels zijn prooidieren en ze moeten altijd een goed overzicht hebben over hun “vijanden” die vaker op de grond leven dan in de bomen. Bij de meeste vogelkooien zitten de eet-en drinkbakjes aan de buitenkant van de kooi bevestigd. Dit is een heel goed systeem omdat vogels nogal vaak hun voedsel of water bevuilen met hun eigen uitwerpselen.

Omdat het verenkleed van een vogel heel belangrijk is voor hem, moet deze ook goed onderhouden worden. Daarom is het raadzaam om een waterbadje te voorzien voor vogels. Ze wassen zo het stof van tussen hun veren en leggen elke pluim terug netjes in de juiste vliegrichting. Een druppeltje bleekwater in het badwater doen kan helpen tegen eventuele parasieten en zorgt voor extra pluimverzorging.

Als bodembedekking gebruikt men best schelpenzand. Dit is zacht zand met stukjes oesterschelpen in verwerkt. De vogels eten de oesterschelpen graag, en door het zand drogen de uitwerpselen snel uit en is er minder kans op overdracht van ziektes. Uiteraard zijn er nog andere bodembedekkingen beschikbaar, zoals krantenpapier of houtbrokken. Hierbij moet men wel weten dat inkt van kranten giftig kan zijn, houtbrokken zorgen er dan weer voor dat schimmels en bacteriën makkelijker kunnen voortplanten.

Voeding

Elke soort vogel heeft zijn eigen, specifieke soort voeding. Dit is uitgebalanceerd volgens welke voeding deze vogels in het wild vinden en tot zich kunnen nemen. Over de verschillende soorten voeding gaan we hier niet te ver uitweiden. Uiteraard dient u, voor u een bepaalde soort vogel koopt, goed te informeren naar welke soort voeding dit dier het beste te eten krijgt. Zo zijn de meeste vogels zaadeters, maar je hebt ook vogels die uitsluitend insecten eten of zelfs vogels die enkel nectar eten. De meeste vogels smullen graag van trosgierst en deze kan je dan ook als lekkernij af en toe aanbieden aan je vogels.

Als bijkomstigheid moet je altijd eivoer aanbieden aan je vogels. Eivoer wordt vaak omschreven als opfokvoer voor jonge vogels. Het is een zeer vette voeding en bevat zeer veel dierlijke en plantaardig eiwitten. Maar ook vitaminen, mineralen en sporenelementen die noodzakelijk zijn voor zowel de jonge als de oudere vogels. De vogels komen sneller uit de rui en makkelijker in kweekconditie als ze voldoende eivoer ter beschikking hebben. Voor rode kanaries bestaat er ook speciaal rood eivoer. Dit eivoer helpt mee de mooie rode kleur van het verenkleed te behouden. Jonge vogels mogen echter geen rood eivoer krijgen, men ruilt dus best het rood eivoer met geel eivoer als er vogeleitjes uitkomen.

Verzorging

Vogels vragen niet veel verzorging. Een wekelijkse reiniging van de kooi en tweewekelijks alle zitstokjes, eten-en drinkbakjes en speeltjes afwassen is meer dan voldoende. Terwijl de kooi wekelijks gereinigd wordt, is een controle van alle dieren die er aanwezig zijn een must. Als men dan iets opmerkt kan men tijdig ingrijpen als het nodig is.

Gezondheid en ziekte

Vogels zijn moeilijke klanten als het gaat over gezondheid en ziekte. Omdat ze in het wild in een zwerm leven, moeten ze op elkaar rekenen om te overleven. De sterkste dieren hebben altijd de grootste overlevingskans. Zieke of zwakke dieren worden genadeloos gevangen door roofdieren. Helaas voor ons tonen vogels dus niet snel ziekte of zwakheid, omdat ze dan grote kans hebben om “gevangen en opgegeten te worden”. Vaak is het zo dat, als men opmerkt dat de vogel er ziek uitziet, het eigenlijk al te laat is. Men kan een zieke of zwakke vogel redelijk snel herkennen. Ze zitten helemaal dik en in elkaar gezakt op hun stokje. Er is verminderde activiteit te bespeuren en ze houden vaak hun kopje tussen een vleugeltje verstopt. Verder kan men bij het vasthouden van de vogel het borstbeen heel duidelijk voelen uitsteken bij zieke of zwakke vogels. Zieke vogels blijven ook vaak op 2 pootjes zitten, terwijl gezonde vogels uitrusten op 1 pootje. Merkt men een zieke vogel op dient men onmiddellijk in te grijpen, want zoals eerder vermeld is het dan vaak al erg gesteld met de vogel. Ook het uitblijven van de kweek kan duiden op een gezondheidsprobleem. Zieke vogels gaan geen energie steken in het opkweken van nakomelingen.

De boodschap is dus om je vogels zo gezond mogelijk te houden. Men kan al beginnen met de juiste soort voeding aan te bieden en dagelijks het water te verversen. Waterbadjes waar de vogels zich in wassen mogen niet te lang blijven staan, of de vogels drinken uit het vuile badwater en zo krijgen ze mogelijke bacteriën of schimmels binnen. Stof en vocht moeten vermeden worden, dit kan op de longen slaan en de dieren ziek maken. Af en toe een vitaminekuur aanbieden kan zeker geen kwaad, de pluimen gaan er beter uitzien en de vogels zitten in een betere conditie. Zieke vogels afscheiden van de rest kan helpen om verdere uitbereiding van ziekte bij gezonde dieren te voorkomen. Zorg dat zieke vogels zeker warm genoeg zitten om onderkoeling te voorkomen.
Vogels die in een kooi in de huiskamer leven, komen vaak in aanmerking met giftige stoffen die in ons huis circuleren. Luchtverfrissers en roken in huis zijn zaken die heel vaak voorkomen, maar voor een vogel is dit een ware aanslag op de longen. Ook rook in huis door te koken kan enorm schadelijk zijn voor vogels, zorg dus altijd voor een goed afzuigsysteem voor je rook en probeer je vogels van kamer te verplaatsen als je gaat gourmetten. Wat enorm schadelijk is, is het gebruiken van een nieuwe kookpot- of pan. Wilt u een nieuwe aangekochte kookpot- of pan gebruiken zet dan altijd de vogel uit de kamer. Nieuwe kookpotten- of pannen bevatten namelijk een speciale coating die loskomt bij het eerste gebruik. Deze coating is enorm giftig voor vogels en ze kunnen er ook van sterven. Daar moet dus zeker extra aandacht aan besteed worden.

Als men vogels in een oude kooi houdt, moet men ook goed in het oog houden dat de kooi niet geroest is. Ook roest is namelijk dodelijk voor vogels. Is de kooi geroest koopt men best meteen een nieuwe kooi aan.

Kweek

Als de vogels in de juiste conditie gehouden worden kan er uiteraard een kweekperiode ontstaan. Zien het mannetje en het vrouwtje elkaar zitten, gaat het vrouwtje eieren beginnen leggen. Die worden gemiddeld 21 dagen bebroed (dit hangt af van soort tot soort) en dan kan de opfok van de jonge vogels beginnen. Men kan de vogels in kweekconditie brengen door hen meer licht aan te bieden (vaak kunstlicht en dit langer laten branden) en door hen een goed vitaminepreparaat aan te bieden. Uiteraard moeten de vogels ook een nestbakje tot hun beschikking hebben, en eventueel nestmateriaal. Hoe de kweek zelf verloopt, hangt af van vogel tot vogel en van soort tot soort.

Wil men handtamme vogels kan men na een paar dagen 1 of meerdere vogeltjes uit het nest halen en met de hand voeding aanbieden uit een spuitje. De opfokvoeding zelf is te verkrijgen in de winkel. Houd rekening dat dit zeer arbeidsintensief is en dat jonge vogels iedere paar uur gevoed moeten worden.